|
Alle kwartels hebben een aantal eigenschappen gemeen
- het zijn grondgerichte vogels
- ze verbergen zich op de grond en vliegen als schrik- en vluchtreactie bijna rechtstandig omhoog en strijken even verder weer snel neer om beschutting te zoeken tussen en onder planten. Boomkwartels vliegen als schrikreactie vaak omhoog in struiken
- ze zoeken op en in de grond hun voedsel en hebben daarvoor verhoudingsgewijs grote tenen en scherpe nagels
- de snavel is scherp, puntig en sterk. Deze snavel is geschikt om op en in de grond voedsel te zoeken. Bovendien is deze snavel geschikt om groenvoer te eten. Voor de hanen is de snavel ook een wapen om in het broedseizoen een territorium te veroveren en te verdedigen
- kwartelhanen hebben ook een opvallend stemgeluid om hun territorium te verdedigen en hennen over grote afstand te lokken
- ze hebben een verenkleed dat is aangepast aan hun omgeving, zodat ze niet opvallen. Dit geldt vooral voor de hennen en is voor hen van levensbelang bij het uitbroeden van de eieren in hun grondnesten
- kwartels hebben zeer goede ogen en kwartels zijn niet doof. Het spreekwoord 'zo doof als een kwartel' is waarschijnlijk ontstaan door het typische gedrag van grondvogels. Zij blijven bij gevaar zo lang mogelijk weggedoken op de grond om op het allerlaatste moment pas 'als een raket' weg te vliegen.
 
|